Voorzitter,

1 op de 9 kinderen leeft in armoede. 1 op de 9. Ik mag lesgeven op een middelbare school hier in Elburg en ik heb dat cijfer vertaald naar mijn werk: als dat cijfer ook geldt voor Elburg, dan heb ik in elk van mijn klassen 2 of 3 kinderen die in armoede leven. En niet alleen in de klassen die ik lesgeef; in alle klassen op alle scholen, zowel basis als voortgezet, zitten dan, afhankelijk van de grootte, 2 of 3 kinderen die in armoede leven.

Wat is dat eigenlijk, armoede in Nederland? Er zijn verschillende definities, maar de nationale kinderombudsman gaat in navolging van het Sociaal en Cultureel Planbureau uit van de volgende stelregel: er is armoede als je minder geld hebt dan het minimale bedrag dat je nodig hebt voor voedsel, kleding, wonen en sociale participatie. Met andere woorden: geen drie maaltijden per dag. Geen goede winterjas. Geen lidmaatschap van een sportclub.

Landelijk dus 1 op de 9 kinderen die onder die grens zitten. Hoe zou dat zijn in Elburg? Een ding is duidelijk: we hebben in Elburg beleid voor mensen die het financieel moeilijk hebben en dat minimabeleid ziet er ook nog eens goed uit. Kosten voor lidmaatschap van een club kunnen worden gedeclareerd, evenals de kosten voor een internetabonnement en het telefoongebruik. Maar toch… Toch zijn er gezinnen die er niet uit komen, die ondanks de voorzieningen onder de armoedegrens vallen zoals de kinderombudsman die hanteert.

Overdreven? Ik dacht het niet. De voedselbank wordt bezocht, druk bezocht. Niet voor niets hebben we eerder dit jaar op voorspraak van de collega’s van de CU de voedselbank een extra donatie gegeven. Vandaag werd duidelijk dat er nog altijd 15% van de basisschoolkinderen zonder ontbijt naar school gaat. Bovendien worden de vooruitzichten er nog niet beter op. Uw college schrijft, ik citeer: ‘De recessie leidt tot stijging van het aantal gerechtigden met gemeentelijke uitkering voor levensonderhoud en toenemend gebruik gemeentelijk minimabeleid waaronder schuldhulpverlening. Einde citaat.’ Met andere woorden: meer mensen die hun baan verliezen. Dat heeft onmiddellijk gevolgen voor de kinderen van die mensen. Er is dus reden tot zorg, wat AB betreft, zeker voor de positie van kinderen.

Eerder dit jaar heeft de nationale ombudsman een onderzoek gedaan naar kinderarmoede in samenwerking met het Verwey-Jonker Instituut, een gerenommeerd instituut dat onderzoek doet naar maatschappelijke vraagstukken. Het lijkt mijn fractie wijs om dat onderzoek ook in Elburg te doen. Niet omdat we denken dat ons minimabeleid niet deugt, maar omdat het zeker in deze tijden bijzonder belangrijk is om te weten of we echt op de goede weg zijn. Hoe staat de gemeente Elburg ervoor? Dat onderzoek kost de gemeente Elburg niets, behalve de inzet van ambtelijke uren. We kunnen kosteloos gebruikmaken van de diensten van het Verwey-Jonker Instituut: ten eerste, een gesprek over de precieze invulling van het onderzoek, waarbij de expertise van het Verwey-Jonker naast de kennis over de gang van zaken in Elburg gelegd kan worden. Ten tweede, de onderzoekers vertalen de vragenlijsten voor het nationale onderzoek naar de lokale situatie. Ten derde, ze analyseren de resultaten. Zij zijn zeer enthousiast: als deze raad de motie aanneemt en er dus een onderzoek komt, dan zijn we de eerste gemeente in Nederland die op deze manier de resultaten van het armoedebeleid inventariseert.

Met uw goedvinden lees ik nu de motie voor.

Motie onderzoek kinderarmoede

De raad van de gemeente Elburg in vergadering bijeen d.d. 4 november 2013,

constaterende dat:
– De economische crisis al enkele jaren aanhoudt;
– Gezinnen daardoor in toenemende mate moeite hebben om het hoofd boven water te houden;
– Volgens de nationale Kinderombudsman landelijk 1 op de 9 kinderen in armoede leven;

overwegende dat:
– Elburg beleid heeft voor mensen en gezinnen die het financieel moeilijk hebben in de vorm van de bijzondere bijstand en het declaratiefonds;
– Het niet zeker is of het beleid voorziet in de behoeften, vooral van kinderen;
– Het onduidelijk is in hoeverre kinderen in de gemeente Elburg in armoede leven;

verzoekt het college:
– Een onderzoek te doen naar armoede onder kinderen in de leeftijd van in Elburg met de hulp van het Verwey-Jonker Instituut;
– De resultaten van dat onderzoek ter bespreking voor te leggen aan de commissie MO.

en gaat over tot de orde van de dag.

De fractie van Algemeen Belang

Voorzitter, tot slot, kinderen en jongeren hebben een speciale positie door hun leeftijd en door de mate waarin zij voor hun rechten kunnen opkomen. Ze hebben weinig invloed op de besluitvorming over hun leefomstandigheden. Deze twee zinnen komen van de site van de kinderombudsman. Ze kunnen zichzelf over dit onderwerp nauwelijks laten horen, in ieder geval niet op een georganiseerde manier. Ik hoop dat de andere fracties in deze raad kunnen instemmen met deze motie, zodat we nu ook de kinderen zelf eens aan het woord kunnen laten. Het is wat Algemeen Belang betreft essentieel voor een compleet beeld van ons minimabeleid. Immers, door dit onderzoek krijgen we belangrijke gegevens boven tafel die gebruikt kunnen worden in een gesprek over ons armoedebeleid.